Terugvorderingen kinderopvangtoeslag en herziening financiering kinderopvang

In het najaar heeft staatssecretaris Wiebes (Financiën) uitgebreid bericht over het feit dat de kinderopvangtoeslag voor een grote groep ouders leidt tot terugvordering. Dit ter ondersteuning van het plan van het kabinet om de financiering van kinderopvang in de toekomst niet meer via de ouders te laten lopen maar direct via kinderopvangorganisaties. In 2011 blijkt het om 164.000 aanvragen te gaan en in 2012 om 79.000 aanvragen, waarbij kinderopvangtoeslag bij ouders is teruggevorderd.

Het nieuws dat er voor ruim 400 miljoen euro aan kinderopvangtoeslag wordt teruggevorderd, is eigenlijk niet nieuw. Al een langere reeks van jaren staan soortgelijke bedragen aan terugvordering van jaar op jaar gewoon op de jaarlijkse begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Ook is bekend dat veel ouders met nabetalingen door de Belastingdienst te maken krijgen.

Nieuw is wel dat dit gegeven wordt gebruikt in de discussie over de wijziging van het stelsel voor kinderopvangtoeslag.  De afgelopen jaren is het stelsel voor ouders steeds ingewikkelder geworden en is de vaststelling van de toeslag van steeds meer elementen afhankelijk. Dat leidt er blijkbaar toe dat veel ouders te veel of te weinig toeslag aanvragen.

Het kabinet wil daarom onderzoeken of een rechtstreekse bekostiging van kinderopvanginstellingen mogelijk is, waarbij de eigen bijdrage van ouders afhangt van iemands vastgesteld inkomen in plaats van een geschat inkomen in het lopende jaar. Deze nieuwe systematiek zou in de plaats komen van het huidige systeem van kinderopvangtoeslag en moet leiden tot een minder complex en minder fout- en fraudegevoelig stelsel. Voor ouders betekent de beoogde nieuwe systematiek dat zij vrijwel geen gegevens meer hoeven aan te leveren aan de uitvoerder. Zij ontvangen eveneens geen grote bedragen aan toeslag meer op hun bankrekening die vervolgens moeten worden overgemaakt aan de instelling. Het kabinet toetst het plan op uitvoerbaarheid en maakt in het voorjaar van 2015 de definitieve afweging of het kiest voor een nieuwe financieringssystematiek voor de kinderopvang.

Ga naar acualiteiten-overzicht >